Mijn lichaam maakte de lucht koud. Ik overtrof warmte met de zachte koelheid die mijn ziel bemachtigde.
Wanneer de ruimte leeg is en aanrakingen stil zijn, zou eenzaamheid mij groeten. Het is alleen niet de koude begroeting die ik verwachtte, maar een warme gedachte die tevoorschijn komt. Wetend dat jij bij mij bent hoor ik de stille muziek die in mijn oren speelt. De onzichtbare kusjes op mijn mond voel ik als een regendruppel met het warme weer. In mijn gedachtes daar zweef jij met jouw zachte haren die mee wapperen. Jij bent daar om mij op te vangen wanneer tijd akelig koud kan worden. Ik denk aan hoe jouw handen mijn lichaam teder, doch stevig, vastpakten. ‘Alleen, dat hoeven wij nooit te zijn.’
een kusje in de morgen
zo zoet als de tijd
met woorden erin verborgen
‘wij zijn voor altijd’
Comptine d'un autre été
Dit heb ik voor jou gemaakt. Samengestelde fragmenten die ik uit filmpjes bij elkaar gevoegd heb. Ik hoop dat de beelden met de heerlijke klanken je rust geven. Je bent bijzonder.
Ik streelde door jouw haren op de melodie van het moment. Je kwam wat dichterbij. Je lichaam schoof zich meer om mij heen als een pakketje dat ingepakt wilt worden. Ik hoorde de stilte ademen met hartslagen zo overtreffend. Mijn vingers gingen van jouw haren naar jouw hand. Beneden aanbeland, kropen ze samen met vingertjes in elkaar. Het was een donkere nacht, maar jouw ogen straalden. De nacht hoorde ik wanneer ik in jouw ogen keek. De vogels die rustig slapen om de volgende dag weer te kunnen fluiten, rustten in jouw warme blauw groene ogen. De kleuren van de natuur. Eenvoud, de basis van het bestaan omringd met liefde. Ik gaf je een kusje, ”welterusten mijn liefste, morgen mag je weer vogels laten fluiten.”
Mijn vingers dansten over jouw lichaam. Zoals een gerepareerd klokkenspel voor de eerste keer zijn nieuwe tijd betreed. ‘Ik heb je gemist’. Fluisterend verlieten deze woorden mijn lippen. Ik keek naar de onbeweeglijke slaapkamer met mijn vingers als enige verplaatsing. De vingerafdrukken bleven onzichtbaar op jouw lichaam rusten. Ik hoopte dat je de warmte van mijn verlangens altijd zou kunnen voelen. Jouw lippen kwamen dichterbij. Ik gooide mijn verlangens op jou los. Mijn ziel die ik naar jou toe wierp verstrengelt in een kus. Ademhalingen die in elkaar overliepen. Bestempelde lichamen die samen kwamen. ‘Ik heb je echt gemist.’
De wind speelt met de bomen
Als een kaartspel zo verloren
Ik ga terug naar mijn gedachtes
Hoor vogelzang door mijn oren
Vergezelt met licht gefluister
Van jouw stem
Woorden die jij verleid
Die in zinnen tot openbaring komen
Met schoonheid bloot gesteld aan de tijd
Wil ik de betekenis van kunnen dromen
Dan voel ik de strelingen voor altijd
Door jouw zachte stem vernomen
ik streelde door jouw haren
daar op die ene plek in de wind
de regeldruppels staarden
naar hoe mijn liefde jou vind